Wel honderdmiljoenmiljard!!
08 02 05 - 14:35
Hij is 6 jaar oud en heeft gedragsproblemen. Ontzettend druk, slechte concentratie, moet voortdurend bewegen en vindt geen rust. Zijn gedrag bepaalt het gezinsleven en zijn ouders weten er geen raad meer mee. Op advies van haar collega en na een lange aarzeling nemen ze de stap om mij te bellen. Ik voel die aarzeling...
"Weet je dat ik een website heb?", vraag ik haar, omdat ik begrijp dat ze deze beslissing een moeilijke vinden.
"Als je nou eerst daar eens kijkje neemt om een indruk te krijgen over wie ik ben, wat ik doe en hoe ik dat doe. En dan bel je me weer terug als het goed voelt voor jullie."
"Leuk, dat ga ik doen, maar ik denk dat ik wel een afspraak ga maken hoor."
"Ik hoor het wel van je."
Als hij de eerste keer binnenkomt met zijn ouders heeft hij zich voorgenomen niet mee te werken. Hij heeft er geen zin in en laat dat verbaal ook weten. Ook fysiek verzet hij zich door strak tegen zijn vader en zijn moeder aan te kruipen, zover mogelijk bij mij uit de buurt. En als een kind niet wil dan doe ik niets. Zijn ouders vinden het vervelend dat hij zich zo gedraagt.
"Geeft niets.", stel ik gerust. "Ik ga niets forceren. Afstandsbehandeling door middel van een foto is ook nog een optie. Maar enkel als hij mij daarin toelaat."
Ik had ze al gevraagd een foto mee te nemen voor het geval dat. Maar hoe hij ook probeert verbaal en ogenschijnlijk fysiek tegen te werken, zijn energie ontvangt de mijne vriendelijk. Ik voel niet echt weerstand. Met een beetje geduld komt het goed. Het lijkt een spel dat hij van plan was te winnen, uit gewoonte. Ik mag hem behandelen, maar niet aanraken. Zijn weerstand voel ik energetisch niet, maar zijn wens hem niet aan te raken houd ik in ere.
Zijn energieveld voelt als een verdichte wolk vol met kleine speldeprikjes. Een opeenhoping van opgebouwde spanning en onverwerkte indrukken. Het voelt alsof hij moet bewegen. Hij kan er niets aan doen.
"Wil jij voor mij een mooie tekening maken en die volgende week meenemen", is mijn tactiek. Ik wijs naar een ingelijst certificaat aan de wand van mijn praktijkruimte dat ik toch al van plan was te verwijderen. "Ik doe hem dan in dat schilderij. Dan kan iedereen die hier bij me komt jouw tekening zien." Het werkt tweeledig. Zijn tekening geeft mij informatie en hij is apetrots dat die tekening ingelijst en wel bij mij aan de wand prijkt. "Deal?", vraag ik met mijn handpalm omhoog. "Deal!", zegt hij opgetogen met zijn handje op de mijne. Zijn oogjes glinsteren.
Nog voordat ik de voordeur gesloten heb als hij de tweede keer binnenkomt krijg ik de tekening al in handen met uitleg. Hij heeft zichzelf getekend in zijn omgeving. Wat mij opvalt is dat hij niet heeft ingekleurd. Althans de meest belangrijke facetten niet. De zon schijnt gelukkig wel en die heeft hij ingekleurd. Zichzelf en zijn omgeving echter niet. "Prachtig vind ik em", zeg ik vol bewondering. "Als jij volgende week weer komt dan hangt hij daar", en ik wijs weer op de muur. Vol verwachting knikt hij heftig.
Zijn moeder vertelt dat het heel goed gegaan is de eerste week na de behandeling. De eerste 2 dagen leken zijn klachten te verergeren, daarna kwam er rust. Hij is rustiger, toegankelijker en heeft meer concentratie voor de dingen die hij onderneemt. Ook het hardop lezen uit zijn vrachtwagenboek gaat hem beter af. "Dat komt denk ik door Elly.", bedenkt hij zelf als zijn moeder in de auto op weg hiernaartoe opmerkt dat hij zo goed leest.
Ik mag hem weer behandelen. Ook aanraken mag nu. Niet altijd overal, maar dat is een goeie zaak. Hij vertelt honderd uit, maakt kleine grapjes en ik móet kleine grapjes maken. Dat is een deal. En per week wisselen we de tekening, want hij maakt elke week een nieuw kunstwerk.
Als ik zijn moeder vertel dat zijn energieveld beter voelt, ruimer en meer open, zegt hij spontaan: "Ik heb nog maar duizend prikkels." "Nog maar duizend prikkels? En hoeveel had je er dan eerst?" "Wel honderdmiljoenmiljard!!!", antwoord hij op een toon dat ik wel begrijpen móet dat dàt er veel te veel zijn.
Hij mag in de grote stoel die hij aan een uitgebreid onderzoek heeft onderworpen en die hij in alle standen mag uitproberen. Hij voelt het als een voorrecht. Ik laat dat zo, want het schept voor mij de mogelijkheid creatief met hem om te gaan en zo mijn doel te bereiken. De gewoonte om kleine grapjes te bedenken samen wil ik even doorbreken als ik de stilte nodig heb om zijn buik stil te krijgen. "Zullen we doen wie het langste zijn mond kan houden?" Hij vindt dat wel spannend, maar lang duurt het niet, want na nog geen minuut zegt hij overtuigd: "Ik ga winnen hoor..." Tja, en dan heb je toch verloren...
Als ik enkel nog zijn voetjes wil afstrijken om de behandeling af te ronden vindt hij dat het wel klaar is zo: "Klaar!!"
Ik respecteer zijn grens als geen ander en neem zijn voeten niet mee in het afronden van de behandeling. Ik wil mijn opgebouwde credits niet verspelen.
"Hoeveel prikkels nog?", vraag ik hem, wetend dat ik een waardevol antwoord krijg vanuit zijn logica.
"Nog maar één, onder mijn voet" Dat kan kloppen, denk ik, want precies dat lichaamsdeel kwam vandaag niet door de controle.
Hij vind het wel gezellig bij me en brengt zijn moeder met regelmaat in verlegenheid door anderen te vertellen dat hij naar Elly gaat die hem rustig maakt, alsof het de gewoonste zaak van de wereld is. En moeder weet niet goed hoe daar mee om te gaan, want zo gewoon vind ze het niet. Zij wil zijn enthousiasme niet onderdrukken, maar doet telkens een klein schietgebedje dat men vooral maar niet doorvraagt...
Na zes behandelingen bieden drie weken tussenpauze door omstandigheden de gelegenheid om te kijken of het resultaat stand houdt. Het houdt stand. Geen terugval in zijn gedrag. Wel 39.5 graden koorts door de griep, en hij is teleurgesteld. Teleurgesteld dat hij deze week niet naar Elly kan omdat hij ziek is. We zijn dír blij mee. Niet met de koorts, maar wel met die teleurstelling. Dan kunnen we weer verder...
Sinds juni 2006 schrijf ik met Kluun, schrijver van de bestsellers 

